Uit haar gedichten blijkt de sterke verbondenheid van Emily Dickinson met de natuur. Bekend zijn haar voorliefde voor het Roodborstje en de Honingbij.

Soms is het lastig om een passende vertaling te vinden van de namen van de dieren. In haar omgeving (New England, VS) leven namelijk andere soorten en varianten dan in onze lage landen. Met deze pagina wil ik de dieren die zij noemt een gezicht geven. Zo nodig geef ik daarbij een korte toelichting. [Klik op de afbeeldingen om te vergroten.]

Adelaar – Arend (“Eagle”)

Emily Dickinson was onder de indruk van de energieke duikvluchten. Zang:

Antilope (“Antelope”)

Bij (“Bee”)

De Latijnse naam Antophila betekent vrij vertaald ‘minnaar van bloemen’. “Bij” is ook de naam die Emily Dickinson soms voor God gebruikt.

Blauwe lijster (“Bluebird”)

Duif (“Dove” – “Pigeon”)

Met Duif wordt ook vaak de heilige Geest bedoeld, omdat deze in de christelijke traditie afgebeeld wordt als een duif.

Eekhoorn (“Squirrel”)

Fret (“Ferret”)

Gaai (“Jay”)

Blauwe Gaai is de vogel die de winter aankondigt.
Zang:

Gems (“Chamois’)

Gier (“Vulture”)

Haan (“Chanticleer”)

Hert (“Stag”)

Hinde (“Doe”)

Hommel (“Bumble Bee”)

Hond (“Dog’)

Van haar vader had Emily Dickinson een hond gekregen voor haar lange wandelingen door het bos. Een immense, bruine Newfoundlander werd haar trouwe vriend voor minstens 16 jaar. Tegen haar buurvrouw zei ze: “ “Gracie, weet je dat ik geloof dat de eerste die me komt begroeten als ik naar de hemel ga, deze lieve, trouwe oude vriend Carlo zal zijn.

Kat (“Cat”)

Kever (“Beetle”)

Kikker (“Frog”)

Kolibrie (“Hummingbird”)

Dit kleine vogeltje is één van de snelste vogels ter wereld. De vogel slaat gemiddeld vijftig keer per seconde met zijn vleugels. Hierdoor kan de kolibrie als enige vogel achteruit vliegen.

Kraai (“Crow”)

Zang:

Krekel (“Cricket”)

Leeuwerik (“Lark”)

Zang:

Mug (“Gnat” – “Midge”)

Muis (“Mouse”)

Mus (“Sparrow”)

Zang:

Nachtegaal (“Nightingale”)

Zang:

Olifant (“Elephant”)

Pad (“Toad”)

Panter (“Panther”)
————–of Luipaard (“Leopard”)

Patrijs (“Partridge”)

Pauw (“Peacock”)

Phoebe – Vliegenvanger (“Phebe”)

Een vogel die voornamelijk van insecten leeft. Ook wel vliegenvanger genoemd. Zang:

Plevier (“Plover”)

Zang:

Rat (“Rat”)

Emily verwisselt vaker “rat” met “muis”.

Regenworm (“Angle Worm”)

Roodborst (“Robin”)

De meest geliefde vogel van Emily Dickinson. Het is echter niet het Europese roodborstje, maar de Amerikaanse roodborstlijster (Turdus Migratorius). Hij is groter en minder aaibaar dan het Europese vogeltje. Daarom kies ik voor de vertaling ‘Roodborst’. Ze leggen trouwens blauwe eieren. Zang:

Slang (“Snake”)

Spaniël (“Spaniel”)

Specht (“Woodpecker”)

Spin (“Spider”)

Tijger (“Tiger”)

Tijgerkikker (“Tiger Frog”)

Troepiaal (“Bobolink”)

De Nederlandse benaming werkt op mijn lachspieren. Daarom vertaal ik “Bobolink” liever met ‘Zangvogel’. In Nederland komt de vogel niet voor. De zang moet klinken als ‘bob-o-link’. Zang:

Uil (“Owl”) – Oehoe (“Duke”)

De Oehoe is de grootste uilensoort en heeft een spanwijdte van meer dan anderhalve meter. “Duke” is zijn Amerikaanse naam. Zang:

Vleermuis (“Bat”)

Vlieg (“Fly”)

Vlinder (“Butterfly”)

In de gedichten wordt de vlinder ook wel symbolisch gebruikt voor een hemelse boodschapper, een engelachtig wezen.

Wielewaal (“Oriole”)

Het geluid van de wielewaal is bekender dan de vogel zelf. Met zijn gouden veren heet hij in het Engels “Oriole” (= ‘Goudje’). In Amherst waar Emily Dickinson woonde komt vooral de Baltimore Oriole (Icterus Galbula) voor. Zang:

Winterkoning (“Wren”)

Zang:

Zwaluw (“Whippowil”)

De Amerikaanse nachtzwaluw (Caprimulgus vociferus) heeft melodieuze avondzang. Zijn naam is mogelijk daarvan afgeleid (“whip-po-wil”). Wordt figuurlijk ook wel voor “dichter’ gebruikt. Zang:

© Afbeeldingen zijn voor het merendeel afkomstig van Unsplash (Freely-usable images).
© Geluiden zijn verkregen dankzij xeno-canto (Creative Commons licenses).