He was weak, and I was strong – then
He was weak, and I was strong – then –
So He let me lead him in –
I was weak, and He was strong then –
So I let him lead me – Home.
‘Twasn’t far – the door was near –
‘Twasn’t dark – for He went – too –
‘Twasn’t loud, for He said nought –
That was all I cared to know.
Day knocked – and we must part –
Neither – was strongest – now –
He strove – and I strove – too –
We didn’t do it – tho’!
F221/J190/1861
Hij was zwak, en ik sterk – toen –
Dus mocht ik hem naar binnen leiden –
Ik was zwak, en hij sterk toen –
Dus mocht hij mij leiden – naar Huis.
‘t Was niet ver – de deur vlakbij –
‘t Was niet donker – want Hij ging – mee –
‘t Was niet te horen, want Hij zei niets –
Dat was alles wat ik hoefde te weten.
De dag klopte aan – we moesten uiteengaan –
Geen van beiden – was de sterkste – nu –
Hij vocht – en ik vocht – ook –
Toch – kregen we het niet voor elkaar!
[3.3] Strove – beiden vochten om geen afscheid van elkaar te hoeven nemen.