‘Twas like a Maelstrom, with a notch
‘Twas like a Maelstrom, with a notch,
That nearer, every Day,
Kept narrowing its boiling Wheel
Until the Agony
Toyed coolly with the final inch
Of your delirious Hem –
And you dropt, lost,
When something broke –
And let you from a Dream –
As if a Goblin with a Gauge –
Kept measuring the Hours –
Until you felt your Second
Weigh, helpless, in his Paws –
And not a Sinew – stirred – could help,
And sense was setting numb –
When God – remembered – and the Fiend
Let go, then, Overcome –
As if your Sentence stood – pronounced –
And you were frozen led
From Dungeon’s luxury of Doubt
To Gibbets, and the Dead –
And when the Film had stitched your eyes
A Creature gasped “Reprieve”!
Which Anguish was the utterest – then –
To perish, or to live?
F425/J414/1862
Het leek wel een Draaikolk, met een muil,
Die elke Dag, dichterbij kwam,
Haar kokende Wiel werd alsmaar nauwer
Tot de Doodsangst
Koeltjes speelde met de laatste centimeter
Van jouw uiterste Waanzin –
En je viel, verloren,
Toen er iets brak –
En jou uit de Droom hielp –
Alsof een Enge Geest met een Duimstok –
Steeds de Uren bleef opmeten –
Tot jij aanvoelde hoe jouw Seconde
Machteloos, in zijn Klauwen, woog –
En geen Spier – gespannen – kon helpen,
Zintuigen waren verdoofd –
Toen het God – heugde – en de Duivel
Op dat moment, losliet, Overwonnen –
Alsof jouw Vonnis was – uitgesproken –
En je ijskoud geleid werd
Van de luxueuze Kerker van de Twijfel
Naar de Galg, en de Dood –
En toen de Sluier je ogen had dichtgestikt
Snakte een Schepsel naar adem: “Uitstel”!
Welke angst was – toen – het allergrootste –
Om te sterven, of om te leven?
[1,1] Notch: inkeping, groef, oog (van een wervelwind).
[2.2] Hem: zoom, rand, grens, uiterste – voor de vertaling zijn de woorden omgewisseld. Emily Dickinson deed dat vaker. Alleen blijft het aan de interpretatie van de lezer of zij het hier ook zo bedoeld heeft.
[5.3] – Eerst was er nog de luxe van twijfel aan de toekomst, al is dit een kerker, maar nu is het vonnis de galg en de dood.