Eden is that old–fashioned House
We dwell in every day
Without suspecting our abode
Until we drive away
How fair on looking back the Day
We sauntered from the Door
Unconscious our returning
But discover it no more
F1734/J1657/Jaartal onbekend
Eden is dat ouderwetse Huis
Waar we elke dag in wonen
We hebben er geen notie van
Tot we er vandaan gaan
Mooi om op terug te kijken, die Dag
We slenterden weg vanuit de Deur
Niet ervan bewust terug te keren
Maar vinden, doen we het niet meer
“Eden” verwijst naar de hof van Eden, het aardse paradijs. Emily Dickinson bedoelt echter meestal het hemels paradijs. Of beter nog: de hemel op aarde, het hemelse geluk dat ook op aarde te ervaren is. Een plaats vol bloemen, zonneschijn en vogels. Het paradijs kan zowel een staat van gelukzaligheid zijn, van vroeger, vandaag en in het hiernamaals.