Uit haar laatste levensjaar zijn twee gedichten bewaard gebleven. Beide gedichten zijn een hommage aan schrijfster en vriendin Helen Hunt Jackson. Zij zette zich in voor de inheemse bevolking van de Verenigde Staten.
The Immortality she gave
The Immortality she gave
We borrowed at her Grave –
For just one Plaudit famishing,
The Might of Human Love –
F1684/J1648/1886
De Onsterfelijkheid die zij ons gaf
Ontleenden we aan haar Graf –
Voor slechts één Ovatie die hunkert,
Naar de Kracht van Menselijke Liefde –
Of Glory not a Beam is left
Of Glory not a Beam is left
But her Eternal House –
The Asterisk is for the Dead,
The Living, for the Stars –
F1685/J1647/1886
Van Roem blijft geen Straaltje over
Alleen haar Eeuwige Huis –
Het Sterretje is voor de Doden,
De Levenden, voor de Sterren –
Jaartal onbekend
Van ongeveer honderd gedichten kan niet vastgesteld worden wanneer ze geschreven zijn.
The gleam of an heroic act
The gleam of an heroic act
Such strange illumination
The Possible’s slow fuse is lit
By the Imagination
F1686/J1687/Jaartal onbekend
De gloed van een heldendaad
Geeft zo’n vreemd licht
De aarzelende lont van het Mogelijke brandt
Op de kracht van de Verbeelding
Beauty crowds me till I die
Beauty crowds me till I die
Beauty mercy have on me
But if I expire today
Let it be in sight of thee –
F1687/J1654/Jaartal onbekend
Schoonheid vervult mij tot ik doodga
Schoonheid, wees mij genadig
Maar als ik vandaag sterf
Laat het zijn in uw aangezicht –
Endanger it, and the Demand
Endanger it, and the Demand
Of tickets for a sigh
Amazes the Humility
Of Credibility –
Recover it to nature
And that dejected Fleet
Find Consternation’s carnival
Divested of it’s meat
F1688/J1658/Jaartal onbekend
Riskeer het, en het Verlangen
Naar kaartjes voor een zucht
Verrast de Bescheidenheid
Geloofwaardig te zijn –
Geef het terug aan de natuur
En laat die trieste Menigte
Een carnaval van Ontzetting vinden
Ontdaan van zijn vlees
“Carnival” speelt met het Latijnse woord ‘carne’ (vlees). Carnaval is het feest aan de vooravond van de christelijke vastentijd, waarin geen vlees wordt gegeten. De vreugdeloze menigte viert dus een troosteloos feest.