↓
 

Emily Dickinson

Gedichten

Categorie archieven: Uncategorized

Bericht navigatie

<< 1 2 … 11 12 13 14 15 16 17 … 265 266 >>

She bore it till the simple veins

Emily Dickinson

She bore it till the simple veins
Traced azure on her hand –
Till pleading, round her quiet eyes
The purple Crayons stand.

Till Daffodils had come and gone
I cannot tell the sum,
And then she ceased to bear it –
And with the Saints sat down.

No more her patient figure
At twilight soft to meet –
No more her timid bonnet
Upon the village street –

But crowns instead, and courtiers –
And in the midst so fair,
Whose but her shy –
immortal face
Of whom we’re whispering here?

F81/J144/1859

Ze hield vol tot de eenvoudige aderen
Azuurblauw op haar hand tekenden –
Tot smekend, rond haar stille ogen
Het paars van Kleurkrijt stond.

Tot Narcissen waren gekomen en gegaan
Ik kan niet zeggen hoeveel,
En toen hield ze het niet langer vol –
En ging bij de Heiligen aanzitten.

Niet meer haar geduldige verschijning
In de zwakke schemering tegenkomen –
Niet meer haar bescheiden hoedje
In de dorpsstraat –

Maar in ruil daarvoor kronen, en hovelingen –
En in het midden staat zo prachtig,
Wie anders dan haar verlegen –
onsterfelijk gelaat
Waarover we hier zacht staan te praten?

We should not mind so small a flower

Emily Dickinson

We should not mind so small a flower –
Except it quiet bring
Our little garden that we lost
Back to the Lawn again.

So spicy her Carnations nod –
So drunken, reel her Bees –
So silver steal a hundred flutes
From out a hundred trees –

That whoso sees this little flower
By faith may clear behold
The Bobolinks around the throne
And Dandelions gold.

F82/J81/1859

We zouden zo’n bloemetje niet opmerken –
Als het niet stilletjes
Onze kleine tuin die we verloren hebben
Weer terugvoert naar het Gazon.

Zo geurig knikken haar Anjers –
Zo dronken, tollen haar Bijen –
Zo schieten wel honderd zilveren fluiten
Tevoorschijn uit honderd bomen –

Dat wie die dit bloempje ziet
Door geloof duidelijk aanschouwen mag
De Troepialen rond de troon
En gouden Paardenbloemen.

[3] That we lost – het bloemetje roept het beeld op van de tuin die we verloren zijn. De tuin van onze jeugd? De tuin van vorig jaar? De hof van Eden?
[2.3-4) Steal out: eruit sluipen, onverwacht verschijnen (Noah Webster’s Lexicon 1844).
[3.3] Bobolink: troepiaaal (Dolichonyx oryzivorus) de zang van de vogel klinkt als ‘bob-o-link’.

This heart that broke so long

Emily Dickinson

This heart that broke so long –
These feet that never flagged –
This faith that watched for star in vain,
Give gently to the dead –

Hound cannot overtake the Hare
That fluttered panting, here –
Nor any schoolboy rob the nest
Tenderness builded there.

F83/J145/1859

Dit hart dat zo lang brak –
Deze voeten, die nooit opgaven –
Dit geloof dat tevergeefs op een ster wachtte,
Geef ze zacht aan de doden –

Een Jachthond kan de Haas niet inhalen
Die hier hijgend voorbijflitste –
Geen schooljongen het nest roven
Dat tederheid daar heeft gebouwd.

[3.1] Hound – na de dood kan de jachthond de haas niet meer vangen en het nest van liefde niet meer geroofd worden.

On such a night, or such a night

Emily Dickinson

On such a night, or such a night,
Would anybody care
If such a little figure
Slipped quiet from its chair,

So quiet – Oh how quiet,
That nobody might know
But that the little figure
Rocked softer – to and fro –

On such a dawn, or such a dawn –
Would anybody sigh
That such a little figure
Too sound asleep did lie

For Chanticleer to wake it –
Or stirring house below –
Or giddy bird in orchard –
Or early task to do?

There was a little figure plump
For every little knoll,
Busy needles, and spools of thread –
And trudging feet from school –

Playmates, and holidays, and nuts –
And visions vast and small –
Strange that the feet so precious charged
Should reach so small a goal!

F84/J146/1859

In zo’n nacht, of welke nacht ook,
Zou iemand het merken
Dat zo’n klein figuurtje
Stilletjes van zijn stoel gleed,

Zo stil – Och zo stil,
Dat niemand het zou merken
Dat het kleine figuurtje echt
Zachter heen en weer schommelde –

Bij zo’n dageraad, bij zo’n dageraad –
Zou iemand een zucht slaken
Dat zo’n klein figuurtje
Te diep in slaap lag

Om door de Haan gewekt te worden –
Of door het gerommel van het huis beneden –
Of een duizelige vogel in de boomgaard –
Of een ochtendklusje?

Er stond een mollig, klein figuurtje
Voor elke kleine hobbel,
Druk met naalden, en klosjes garen –
En sjokkende voeten uit school –

Speelkameraadjes, vakanties, en gekkigheid –
En grootse en kleine dromen –
Vreemd dat voeten met zo’n kostbare lading
Zo’n kleine bestemming bereiken!

Het gedicht begint vrij ironisch. Voor puriteinse families was het misschien minder erg dat kinderen sterven, als ze daardoor eerder in de hemel kwamen. Kindersterfte was in die tijd veel groter dan tegenwoordig.

Whose are the little beds, I asked

Emily Dickinson

Whose are the little beds – I asked
Which in the valleys lie?
Some shook their heads, and others smiled –
And no one made reply.

Perhaps they did not hear – I said,
I will inquire again –
Whose are the beds – the tiny beds
So thick upon the plain?

‘Tis Daisy, in the shortest –
A little further on –
Nearest the door – to wake the Ist –
Little Leontoden.

‘Tis Iris, Sir, and Aster –
Anemone, and Bell –
Bartsia, in the blanket red,
And chubby Daffodil.

Meanwhile – at many cradles
Her busy foot she plied –
Humming the quaintest lullaby
That ever rocked a child.

Hush! Epigea wakens!
The Crocus stirs her lids –
Rhodora’s cheek is crimson –
She’s dreaming of the woods!

Then turning from them reverent –
Their bedtime ’tis, she said –
The Bumble bees will wake them
When April woods are red.

F85/J142/1859

Van wie zijn die kleine bedjes – vroeg ik
Die in de vallei liggen?
Mensen schudden het hoofd, of glimlachten –
En niemand gaf antwoord.

Misschien hoorden ze me niet – ik zei:
Ik vraag het nog een keer –
Van wie zijn die bedden – die kleintjes
Zo dicht op elkaar over het grasland?

’t Zijn Madeliefjes, in het kortste bedje –
Een beetje verderop –
‘t Dichtst bij de deur – als eerste wakker –
Kleine Paardenblommen.

‘t Zijn Irissen, Mijnheer, en Asters –
Anemonen, Campanula’s –
Helmkruid, in rode dekens,
En mollige Narcissen.

Ondertussen – bij vele wiegjes
Haastte ze naarstig haar passen –
Het vreemdste slaapliedje neuriënd
Waarmee ooit een kind is gewiegd.

Ssst! Het meibloempje wordt wakker.
De Krokus knippert met haar ogen –
De wang van Rododendron is karmozijn –
Ze ligt te dromen van het bos!

Toen keerde ze zich respectvol van hen af –
Het is hun bedtijd, zei ze –
De Hommels maken hen wel wakker
Als de Aprilbossen rood kleuren.

[4.1] Sir – wie geeft antwoord op de vragensteller? Waarschijnlijk de natuur zelf.

For every Bird a Nest

Emily Dickinson

For every Bird a nest –
Wherefore in timid quest
Some little Wren goes seeking round –

Wherefore when boughs are free –
Households in every tree –
Pilgrim be found?

Perhaps a home too high –
Ah aristocracy!
The little Wren desires –

Perhaps of twig so fine –
Of twine e’en superfine,
Her pride aspires –

The Lark is not ashamed
To build opon the ground
Her modest house –

Yet who of all the throng
Dancing around the sun
Does so rejoice?

F86/J143/1859

Voor elke Vogel een nest –
Waarom dan, gaat ’n Winterkoninkje
Overal schuw op zoek –

Waarom dan, als takken vrij zijn –
Zijn er in elke boom huizen te vinden –
Van de Pelgrim?

Misschien ligt het huis te hoog –
Aha aristocratie!
Het Winterkoninkje verlangt –

Misschien zo’n verfijnd twijgje –
Van echt ragfijn garen,
Haar trots streeft ernaar –

De Leeuwerik schaamt zich niet
Zijn bescheiden huis
Op de grond te bouwen –

Maar wie van heel die meute
Die rond de zon danst
Heeft zoveel vreugde?

[1.3] Little Wren: winterkoninkje – In de broedtijd maakt het mannetje meerdere nesten, waaruit het vrouwtje haar keuze maakt. Vervolgens probeert het mannetje andere vrouwtjes te lokken in één van de andere nesten.
[2.3] Pilgrim: van de pelgrim (bijvoeglijk naamwoord!).

“They have not chosen me,” he said

Emily Dickinson

“They have not chosen me,” – he said –
“But I have chosen them”!
Brave – Broken hearted statement –
Uttered in Bethleem!

I could not have told it,
But since Jesus dared –
Sovreign, know a Daisy
Thy dishonor shared!

F87/J85/1859

“Zij hebben mij niet gekozen,” – zei hij –
“Maar ik heb hen gekozen”!
Moedige – verklaring van een Gebroken hart –
Uitgesproken in Bethlehem!

Ik had het niet gekund,
Maar nu Jezus het aandurfde –
Heer, weet dat een Madeliefje
Uw schande deelde!

1.1-2] De eerste twee regels verwijzen naar een uitspraak van Jezus: “Jullie hebben mij niet uitgekozen, maar ik jullie.” (Johannes 15, 16).

Bericht navigatie

<< 1 2 … 11 12 13 14 15 16 17 … 265 266 >>

Verzamelde
Gedichten
met Nederlandse
vertaling

  • Home
  • Index Engelse Beginregels

  • Bloemlezing
  • Biografie
  • Fauna
  • Flora
  • Kunst
  • Leeswijzer
  • Links
  • Over deze site
  • Uitgaven
  • Zoeken ?

© Vertaling Adrie Lint – De vertaling mag met schriftelijke toestemming worden gebruikt voor niet-commerciële doeleinden.

↑