Title divine – is mine!
The Wife – without the Sign!
Acute Degree – conferred on me –
Empress of Calvary!
Royal – all but the Crown!
Betrothed – without the swoon
God sends us Women –
When you – hold – Garnet to Garnet –
Gold – to Gold –
Born – Bridalled – Shrouded –
In a Day –
“My Husband” – women say –
Stroking the Melody –
Is this – the way?
F194/J1072/1861
De Titel goddelijk – is aan mij!
Echtgenote – zonder het Teken!
Een Pijnlijke Rang – aan mij verleend –
Keizerin van Golgotha!
Koninklijk – in alles behalve de Kroon!
Verloofd – zonder flauwtes
Die God ons Vrouwen aanricht –
Als je – Granaat tegen Granaat – houdt –
Goud – tegen Goud –
Geboren – Gehuwd – in een Doodskleed –
In een Dag –
“Mijn Man” – zeggen vrouwen –
De Melodie strelend –
Is dit – de weg?
[2] Wife: echtgenote, getrouwde vrouw, volwassen, ervaren vrouw.
[2] Sign – het symbolische teken van het huwelijk, namelijk de trouwring.
[3] Acute: scherp, pijnlijk, (bij ziekte) acuut, kritiek.
[4] Empress of Calvary: eretitel van Maria, die treurt om haar zoon (Vrouwe van Smarten).
[8] Garnet: granaat, vaak trouwring met ingelegde juweel.
[10] Bridalled: betekent zowel getrouwd als getemd.
[10] Shrouded: in een doodskleed gewikkeld.
[11] Variant: een nieuwe regel is toegevoegd: Tri Victory (Drievoudige Overwinning).